Vier je mee?

36371722 608099096242258 5909846188655378432 nBent u op zoek naar mooie kinderverhalen bij de Bijbelse feesten? Dan is “Vier je mee?” echt iets voor u. Het is een bundel met zes op de Bijbel gebaseerde verhalen, twee voor elk feest. In deze verhalen spelen kinderen de hoofdrol.
Een aantal 'juffen' uit onze gemeente hebben de verhalen geschreven onder redactie van Evert en Tineke van Balen.

Meer weten?
Vierjemee@hotmail.com

Een geschenk uit de hemel
Nadat God Zijn scheppingswerk voltooid had heeft Hij gerust op de zevende dag. Niet alleen Hij ruste, Hij gaf deze dag ook als een geschenk aan de mens. Adam en Eva waren geroepen om te heersen over de schepping van God. Zij raakten door hun ongehoorzaamheid deze verantwoordelijkheid kwijt, maar dat niet alleen. De zonde die zij gedaan hadden kwam tussen God en de mensen in te staan. Er ontstond vijandschap. De goede relatie tussen God en de mens is verbroken. Dat geld ook vandaag de dag nog voor ieder mens. God heeft echter al vanaf het begin beloofd dat Hij deze relatie zal gaan herstellen. Die belofte heeft Hij vervuld door Zijn Zoon Jezus te zenden. Jezus heeft door Zijn lijden, sterven en opstanding vrede gemaakt tussen God en de mens. Door te vertrouwen op Zijn werk kunnen wij weer in relatie met God komen. God heeft ook beloofd dat Hij deze aarde weer vrij maken van de macht van de zonde, en van de dood. 

Één van de gevolgen van de zondeval is dat wij als mensen moeten werken. Alleen door te werken kunnen wij voorzien in ons levensonderhoud, huisvesting, gezondheid enz. Vanuit het paradijs heeft God de mens echter een bijzonder geschenk meegegeven. Wat is het een feest dat God één dag van rust heeft gegeven aan de mens. Een dag om je te verblijden in Hem, om tijd te hebben voor huwelijk en gezin, en samen te komen met medegelovigen. Dat is niet eens het enige. Ondanks de zondeval mochten Adam en Eva twee prachtige geschenken meenemen het paradijs uit. Het huwelijk(een prachtige inzetting van God) werd niet ontbonden. Maar ook de wekelijkse rustdag werd hen door God niet afgenomen. Helaas zien veel mensen het vieren van de sabbat als iets wettisch. Een dag dat je moet rusten volgens de wet van God en die ingevuld moet worden door regels te onderhouden.

Wat een bevrijdende gedachte dat de sabbat was er al was voor de wet gegeven werd! De sabbat was er al toen de zonde Gods schepping nog niet bezoedeld had. Iets van het hemelse dat de relatie tussen man en vrouw in zich heeft mag beleefd worden in het huwelijk. Iets van de rust van het paradijs mag beleefd worden op de dag die God wekelijks apart gezet heeft tot eer van Zijn naam, tot welzijn van de mens.

De sabbat, zegen voor Israël
We komen de sabbat dus al op de eerste bladzijden van de bijbel tegen. Daarna lezen we er een tijdje niets over. Het lijkt erop dat de mens deze prachtige inzetting van God al snel vergeten was. Als er een nieuwe fase in het heilsplan van God aanbreekt komt hier weer verandering in. God kiest in Zijn genade het volk Israël uit om een bijzondere weg mee te gaan. Dit volk ontvangt Zijn wetten en mag dienstbaar zijn als een volk van koningen en priesters. Het hart van Gods wet wordt gevormd door de tien woorden. (beter bekent als de tien geboden) En raad eens? In het hart van Gods wet vinden wij …het sabbatsgebod.

Dat dit niet zomaar is blijkt wel uit het feit dat de sabbat in de profeten veel genoemd wordt. Steeds weer wordt het volk Israël terug geroepen naar gehoorzaamheid aan dit gebod. Want hoewel de sabbat enerzijds een prachtig geschenk is; het is geen vrijblijvende zaak of men dit dan wel of niet aanneemt. De geboden van God zijn de richtlijnen waar een samenleving op een godvruchtige en menswaardige wijze mee ingericht behoort te worden. Mensen die dit aan hun laars lappen krijgen God tegen zich.

God heeft alle volken op het oog
De verkiezing van Israël betekent niet dat God de andere volkeren verwerpt. Veelmeer is het zo dat God de andere volken wil bereiken door Israël. De zegen die er is in het houden van de geboden van God is niet alleen voor Israël. (Lees deut4:5-8) God had van meet af aan het plan om Israël te gebruiken om de wereld het heil te verkondigen.

Het evangelie
Dat we de sabbat bij de profeten zo vaak tegenkomen betekent dus niet veel goeds. Israël verlaat keer op keer de geboden van God en heult met de afgoden van de volken om hen heen. Zo verspreiden zij geen zegen, maar veelmeer onteren zij de Naam van God. God laat Zijn plan echter niet los. Er komt één Israëliet die zal zorgen dat uiteindelijk heel Israël tot zijn bestemming zal komen. Jezus de Messias, beloofd door God in de profeten, is de Hoop voor Israël en de volken. Als die éne Israëliet verschijnt, komt er beroering in het volk. Het vuur van Gods heiligheid brand in Zijn ogen als Hij de mensen oproept tot bekering om het koninkrijk van God binnen te gaan. Hij neemt geen loopje met de geboden van God, en geeft onderwijs zoals nog nooit gehoord is. Zelfs de satan krijgt al snel in de gaten dat God in deze Mens een nieuw begin gemaakt heeft. Opnieuw probeert hij deze Mens(hoofd van het nieuwe mensengeslacht) ten val te brengen door listige verleidingen. Deze keer zonder resultaat. De macht van de satan, de zonde en de dood zullen gebroken worden door deze éne Mens. Na het lijden, sterven en de opstanding van Jezus zal de Heilige Geest uitgestort gaan worden. Deze Heilige Geest is in staan om mensen van binnenuit te vernieuwen. Daardoor komen ze niet alleen in een geheel nieuwe relatie tot God te staan, maar komt in hen ook het verlangen om Gods wet te gaan gehoorzamen.(Jeremia 31:33)

In een bepaalde zin was de wet ook iets dat gegeven was om de mens te ontdekken aan zijn zondige natuur. (Rom7:9-13) Dat is echter niet de enige functie van de wet. Ook na de bekering is de wet onmisbaar in het leven van gelovigen. Dat blijkt duidelijk uit bijvoorbeeld psalm 19 en 119. Paulus draagt alleen al in de efezebrief veel van de tien geboden op aan de gemeente. Dat impliceert dat hij de geboden van God zeer belangrijk achtte voor gelovigen.

Jesaja nodigt alle volken uit om de sabbat te vieren
Lezen Jesaja 56:1-8

Jesaja nodigt in dit stuk profetie alle volken uit om de sabbat te gaan vieren. Rijke zegeningen worden beloofd aan diegenen die de sabbat vieren vanuit een verlangen om God te dienen. Heerlijke beloften worden uitgesproken over degenen die ook met dit gebod van God serieus omgaan. Sommigen argumenteren dat deze uitnodiging slechts gold voor de oudtestamentische bedeling. Na de komst van Jezus zou iets dergelijks niet meer relevant zijn. Niets is minder waar. In het Nieuwe Testament wordt dit gedeelte uit Jesaja een aantal keren geciteerd. Jezus zelf citeert Jes 56:7 tijdens de tempelreiniging(matt21:13) Hij vond deze profetie blijkbaar zeer relevant. Paulus citeert een zin uit vers 1 in Romeinen 1:17. Jezus citeert in de brief aan de gemeente te Pergamus de belofte van een nieuwe naam(Op2:17) In de brief aan de gemeente te Filadelfia wordt de overwinnaars door Jezus een plaats beloofd in de tempel van God en binnen de muren van het nieuwe Jeruzalem. Ook hier wordt de belofte van een nieuwe naam weer genoemd.(verg Jes56:5) Zou iemand durven beweren dat de uitnodiging, de beloften en de zegeningen die in Jesaja 56 aan ons geschreven worden in het nieuwe testament niet meer relevant zijn?? De sabbat is dus niet alleen voor Israël maar voor alle volken.

De sabbat als schaduw
In de kollosenzenbrief spreekt Paulus de gedachte uit dat de sabbatten en feesten van God schaduwen zij van toekomende dingen. Uit het geheel van de schrift blijkt duidelijk dat dit voor de wekelijkse sabbat ook het geval is. We beschreven hierboven al de gedachte dat de sabbat ‘een stukje paradijs ‘ is dat nooit verloren gegaan is. Wij weten dat God een herstelplan heeft voor deze wereld, wat inhoud dat Hij door Zijn Zoon de zonde als macht uit Zijn schepping zal afschaffen. Dat betekent dat wij door het vieren van de sabbat niet alleen terug zien naar het paradijs, maar vooral ook uitzien naar de komende sabbatsrust die deze aarde zal vervullen. De vloek over de schepping zal dan gebroken worden, en de satan zal gebonden worden. Dan zal er werkelijk een sabbatsrust aanbreken voor deze aarde. De schrijver van de Hebreeënbrief neemt deze gedachte als uitgangspunt bij het schrijven van hoofdstuk 4. “er blijft dus een sabbatsrust over voor het volk van God”.

Waarom heeft Jezus zo veel wonderen gedaan op de sabbat? Hij leerde mensen om niet onnodig aanstoot te geven aan mensen om je heen. Zelf was Hij de Farizeeërs wel voortdurend tot aanstoot door wonderen te doen op de sabbat.
Toch ging Hij hiermee door. Waarom toch? Hij onderwees ons op deze manier dat er een dag zal komen dat deze wereld een heel nieuw tijdperk binnen zal gaan. Het tijdperk van ‘de sabbatsrust’. Dan zal er (ook weer) volop genezing en heling zijn. Dan zal er voor iedereen voldoende voedsel zijn. Er zal geen dreiging meer zijn van wilde dieren of gevaar. Gods Naam zal overal geprezen worden. En Jesaja belooft zelfs dat in die tijd iedereen de sabbat en nieuwe maansfeesten zal vieren. (jes66:23) De sabbat is dus zeker niet afgeschaft.

Sabbat in het Nieuwe Testament
Nergens in het Nieuwe Testament wordt iets gezegd over afschaffing of verplaatsing van de Sabbat. Jezus leert in de bergrede dat de tien geboden heel belangrijk zijn. De betekenis gaat veel dieper dan veel mensen dachten. Jezus heeft zelf de sabbat gevierd, en was ook gewoon om dan de synagoge te bezoeken.

De apostelen hebben in de bediening van Jezus ook geen enkele reden gezien om de sabbat af te schaffen of te verplaatsen. Ook na de opstanding lezen wij dat zij Gods sabbatten en feesten bleven vieren en dat zij ook anderen leerden om dat te doen. Vele malen komen wij de sabbat in handelingen tegen als rustdag en dag van samenkomst.

In Handelingen 13 lezen wij zelfs van heidenen die op sabbat gewend waren de synagoge te bezoeken en op die wijze de sabbat meevierden.(13:42) Zij vragen of Paulus dezelfde preek de volgende sabbat weer wil houden. Dit zou een prachtige gelegenheid geweest zij voor Paulus om uit te leggen dat ze volgende keer op zondag zouden samenkomen. Dit doet hij echter niet.

Uit de Kollosenzenbrief blijkt dat die (heidense) gemeente de sabbat en de feesten van God ook vierde. We komen daar later in deze studie nog wel op terug. Conclusie: Het is dus niet juist om te beweren dat in de schrift al aanwijzingen zijn voor een verplaatsing of afschaffing van de sabbat of de feesten.

Hoe is het misgegaan?
De vijand van God heeft er alle belang bij om inzettingen van God te verdraaien en zo de ware betekenis te verdoezelen. Ook misleid hij op deze manier veel welwillende Godvruchtige mensen. In Israëls geschiedenis komen we dit al tegen. Als in de woestijn het gouden kalf gereedgemaakt is gaat de volgende uitnodiging onder het volk uit; Morgen is er een feest voor de HEERE. (ex32:5) Later zien we bij Jerobeam een soortgelijk verschijnsel. Ook hij maakt gouden kalveren en stelt deze voor aan de Israëlieten als “de goden die u uit Egypteland geleid hebben”. Ook stelt hij andere feesten in dan Gods feesttijden om zodoende te voorkomen dat het volk tot God terug zou keren. (1kon11:28-33)

Er zijn veel overeenkomsten te vinden tussen deze twee geschiedenissen en de kerkgeschiedenis. Te veel om hier te noemen. Laten we volstaan door te zeggen dat de Naam van God verbonden is aan een ‘eredienst’ die nooit door Hem ingesteld was. Daarbij denken we dan aan de hele roomde cultus die eeuwen lang het hele ‘christelijke denken’ beheerst heeft.

Zoals Jerobeam de feesten van God afschafte om daar zijn eigen feesten voor in de plaats te stellen, zo zijn in de kerkgeschiedenis de feesttijden van God afgeschaft/veranderd voor eigen gekozen feesten. De meest belangrijke en in het oog springende verplaatsing is die van de sabbat naar de zondag.

Drie geschiedkundige factoren hebben een grote rol gespeeld bij de verandering van de sabbat naar de zondag. Allereerst ontstonden al vroeg in de kerkgeschiedenis anti-judaïstische gevoelens binnen de Christelijke gemeente. Deze gevoelens werden veelal veroorzaakt door Joodse vijandschap tegen Christenen. Toen de Romeinen begonnen om de Joden te vervolgen werd de hang naar een scheiding groter en een andere rustdag was een prima teken om een scheiding te markeren. Over de vraag welke rustdag dan wel gekozen zou moeten worden hoefde men niet lang na te denken. De zonneverering die in het Romeinse rijk gemeengoed was bood een prima alternatief! De dag van de zon, de zondag. Christenen zagen in deze dag best een rijke symboliek om het geloof te kunnen verkondigen. Christus wordt immers aangeduid als ‘de Zon der Gerechtigheid’ en is ook ‘het Licht der wereld’. Deze argumenten waren voor honderden jaren voldoende om het vieren van de zondag te rechtvaardigen. Pas veel later zouden de theologische argumenten uit de schrift toegevoegd worden in een poging om sabbatviering op de 1e dag i.p.v de 7e op de schrift te gronden. Voor deze argumenten kwam men uit bij de opstanding van Christus, de schepping van het licht op de 1e dag, en het vieren van de zondag als de 8e dag i.v.m eschatologische verwachting.

Toen keizer Constantijn zich bekeerde tot het christendom werd de zondag de verplichte rustdag in het gehele Romeinse rijk. Het paasfeest werd verplaatst naar een andere datum dan de Bijbelse, en de bijbelse feesten mochten door Christenen niet meer gevierd worden tegelijk met de Joden. In de eeuwen die volgden namen de Pausen de macht van de keizers over en heersten zij met harde hand over de volken. In deze tijd heeft Rome zich ontwikkeld tot antichristelijke macht. Heel de Bijbelse leer werd verruild door een afgodisch systeem waarin voor de boodschap van het evangelie geen plaats was. Het heil dat door de Messias verdiend is werd het kerkvolk onthouden. De Bijbel mocht niet gelezen worden.

Het licht breekt door
Na honderden jaren van duisternis brak er in de tijd van de reformatie weer licht door. De boodschap van het evangelie werd herontdekt en aan de mensen gepreekt. Velen hebben sinds dien de Heere Jezus gevonden als Verlosser en Zaligmaker en hebben uit dit geloof geleefd, velen tot de marteldood toe. God zij geprezen voor o.a de volgende feiten:

- de bijbel werd vertaald en (dankzij boekdrukkunst) verspreid onder het volk. Het woord van God kwam in de samenleving en kerken
- Een zeer verduisterd evangelie waarin vergeving van zonden gekocht of verdiend moest worden maakte plaats voor het bijbelse evangelie ‘rechtvaardiging uit geloof’
- De paus werd niet langer gezien als plaatsvervanger van Christus, het werk van de Heilige Geest werd herontdekt
- Er werd afscheid genomen van de beeldendienst en de vele heidense rituelen en symbolen die de kerk binnengekomen waren, enz.

Sommige dingen werden toen echter nog niet herontdekt. Calvijn heeft zaken gereformeerd waar Luther geen oog voor had, en zo gaat God verder de weg met Zijn gemeente. De levende verwachting van de komst van het koninkrijk van God op aarde kwam pas in de tijd van het reveil. Er kwam een verwachting van de wederkomst. Sinds 1948 is er een levende verwachting ontstaan van het herstel van Israel en de vervulling van het profetisch tegoed.

Ook vandaag heeft God een verlangen om nieuwe dingen te openbaren en om Zijn gemeente te reformeren. Wij mogen geloven dat God in onze dagen nieuw licht laat vallen op zaken die nog altijd bleven liggen. Bij nauwkeurige toetsing aan de schrift blijkt de viering van de zondag als rustdag de toets niet te kunnen doorstaan t.o.v de bijbelse sabbat op de 7e dag. Wij moeten ons hierin als gemeente van Jezus bekeren. Een aantal ‘christelijke’ feesten die gevierd worden zijn afkomstig vanuit het heidendom, terwijl een aantal feesten die op de kalender van God staan juist ontbreken. Ook dit vraagt om bekering. Het is onzinnig om te beweren dat de Heilige Geest de gemeente naar deze veranderingen geleid heeft. Niemand zou zoiets durven beweren over de afgodische roomse godsdienst, niemand mag ook zoiets beweren over de verandering van rustdag en feesten. Wij moeten onze praktijk toetsen aan de schrift.

Ons gebed is dat de gemeente van de Heere Jezus in deze dagen een reine bruid gaat worden. Een bruid, wedergeboren door de Heilige Geest, gereinigd van zonden door het bloed van Jezus, en gewassen van alle smetten van afgoderij door ‘het badwater van het woord’. Geve God ons in deze laatste dagen voor de wederkomst een Geest van uitbranding voor zaken die ons verontreinigen en een Geest van bekering om de wil op te vatten ons af te keren t.o.v alles dat niet is naar Gods woord.

Enkele citaten van de Rooms Katholieke kerk
De Katholieke kerk is eerlijk over de verplaatsing van de sabbat. De volgende citaten zouden elke protestant die allen die de Bijbel als hoogste autoriteit heeft te denken moeten geven.

“Zondagsviering door protestanten is hulde, die zij ondanks zichzelven, bewijzen aan de autoriteit van de Katholieke kerk.”

(Plain talk about the Protestantism of today,” door Monsigneur Segur, blz 113)

De Catechismus van Katholieke leerstellingen voor Bekeerlingen 3e editie pag. 50: “Vraag: Hoe kunt u bewijzen, dat de kerk macht heeft feestdagen verplicht te stellen? Antwoord: Juist daardoor, dat zij de Sabbat verschoven heeft naar de zondag, wat zelfs de protestanten erkennen, waardoor zij zich openlijk tegenspreken als zij de zondag streng onderhouden en de meeste andere feestdagen, die door diezelfde kerk werden ingesteld, heiligen"

Vraag: Als Protestanten werelds werk doen op zaterdag... volgen zij dan de Bijbel als hun enige geloofsregel?                                                                                                          Antwoord: Integendeel, zij hebben slechts de autoriteit van traditie, voor deze praktijk. Door de zaterdag te ontheiligen overtreden zij één van Gods geboden, die Hij duidelijk nooit heeft afgeschaft: "Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt".

Vraag: Welke dag is de Sabbatdag?
Antwoord: Zaterdag is de Sabbatdag. "Het behaagde echter de Kerk van God om de feestelijkheid van de Sabbat te verplaatsen naar de zondag"

(De Roomse Catechismus, volgens een besluit van het concilie van Trente uitgegeven (blz.247) op bevel van paus Pius V)

Conclusie synodevergadering over de sabbat
Verder zijn er in de afgelopen jaren een tweetal generale synodes gehouden die allebei uitsluitend over het onderwerp sabbat-zondag handelden. Nadat ds.Ophoff  in 1999 een aantal confronterende uitspraken gedaan had in een preek over het 4e gebod ontstond er onrust binnen de protestantse kerken. Er zijn toen 2 synode’s gehouden, één te leusden 1999, en één te Zuidhorn. De conclusie’s van de synode zet ik hieronder neer.

Wat lag er op de tafel van de Generale Synode te Leusden 1999 (GSL)?

Ds. D. Ophoff (toen te Nieuwegein) deed in een preek uitspraken over het 4e gebod. Deze vielen een aantal gemeenteleden nogal rauw op het dak. Het waren voor hen ongewone uitspraken. Na vele discussies, ook in de kerkelijke weg, kwam de GSL tot uitspraken:

1. De opvatting van ds. Ophoff, “dat de zondag als rustdag niet gegrond is op een goddelijk gebod”, is niet te veroordelen (GSL art. 25 besluit 4.3.
2. De christelijke kerk heeft in haar gelovig antwoord op de leiding van Gods Geest aan de zondag de byzondere waarde van rustdag toegekend naar het voorbeeld van Israels sabbat (GSL art. 25 besluit 4, grond 3)
3. De zondag als rustdag is gegrond op een verantwoorde keus van de christelijke kerk (GSL art. 25, besluit 4, grond 3)

Conclusie

In de kerken wordt de mening toegestaan, dat:

1. de rustdag niet gegrond is op een goddelijk gebod. Tegelijk wordt nadrukkelijk vastgehouden dat
2. de rustdag wel gegrond is op het voorbeeld van Israels sabbat en daarmee in lijn is met het 4e gebod en dat
3. de rustdag gegrond is op een verantwoorde keus van de christelijke kerk. Dat laatste betekent: voor God Dat geeft aan deze uitspraak een zware lading.

Ik laat iedereen vrij in het interpreteren van deze conclusie’s, maar het feit dat de rustdag ‘niet gegrond is op een goddelijk gebod’ en dat de rustdag ‘een verantwoorde keus is van de christelijke kerk’ komt vrijwel één op één overeen met de eerder genoemde uitspraken van de rooms-katholieke kerk. Wat is erop tegen om onze rustdag niet alsnog te gronden op het goddelijke gebod?

‘Moeilijke teksten’
Iedere Christen die besluit om de 7e dag te heiligen voor God kan rekenen op heel wat tegenstand. Het zijn veelal medegelovigen die tegen een dergelijke keus in opstand komen en de broeder of zuster proberen op andere gedachten te brengen. Kortweg zijn er twee reactie’s mogelijk. Reactie’s van mensen die menen dat de zondag i.p.v de sabbat gekomen is, en reacties van mensen die menen dat sabbatvieren in het N.T niet (meer) van belang is, zeker niet voor gelovigen uit de volken. We zullen hieronder enkele van de teksten die als tegenwerping gebruikt worden behandelen.

  1. Is het zo dat het N.T leert dat de zondag i.p.v de sabbat is gekomen?

Hand 20:7-12
Als Lucas bij het schrijven van het boek Handelingen de joodse tijdsrekening aanhoudt dan betekent dit dat de samenkomst op zaterdagavond plaatsvond, en dat Paulus op zondag vertrokken is om te reizen. Als dit waar is, vierde Paulus de 1e dag der week dus niet als sabbat.
Als Lukas de Romeinse tijdsrekening aanhoudt betekent dit dat de discipelen op zondagavond bij elkaar waren. Dan vind de viering van ‘het avondmaal’ plaats op maandag. Waarom zou je dit avondmaal dan pas na middernacht(en dus op maandag) vieren als het doel van de samenkomst was om op de opstanding de dood des Heeren te gedenken door het gebruiken van een/de maaltijd? Het is veel meer waarschijnlijk dat het hier gaat om een bijzondere samenkomst ter gelegenheid van het vertrek van Paulus. Tijdens deze samenkomst doet de Heer een groot wonder dat de gelovigen zeker gesterkt zal hebben nu zij afscheid moesten nemen van Paulus. Het strekt gelovigen niet tot eer om deze geschiedenis te gebruiken om zondagsheiliging vanuit de schrift de rechtvaardigen. Nergens in deze geschiedenis wordt de indruk gewekt dat de 1e dag van de week de nieuwe rustdag zou zijn. Wel komen we op heel veel andere plaatsen in het boek handelingen tegen dat Paulus ‘naar zijn gewoonte(!)’ de sabbat vierde als dag van rust en onderwijs met zowel Joden als Grieken. Hierin is overtuigend bewijs te vinden dat dit Gods bedoeling, Zijn standaard is; ook voor het nieuwe verbond. (hand 13:14,42-44 15:21, 16:13, 17:2, 18:4)

1 Kor 16: 1-3
Was er een samenkomst waarin collecte gehouden werd op de eerste dag van de week? Daarvoor is geen enkele aanwijzing te vinden in deze tekst. Paulus schrijft nadrukkelijk dat de gelovigen iets bij zichzelf moeten wegleggen. Dat impliceert dat er hier geen sprake was van een samenkomst. Anders had Paulus immers wel geschreven dat de gelovigen in de wekelijkse samenkomst hun giften moesten afdragen… Dit argument wordt nog versterkt door het feit dat Paulus in deze brief al nadrukkelijk een aantal keren gesproken heeft over “het moment waarop u samenkomt”(H11:18,20,33,40.) Hier gebruikt hij deze term helemaal niet wat aangeeft dat hij met deze verordening helemaal niet denkt aan een wekelijkse samenkomst op de 1e dag der week. Opmerkelijk: waarom spreekt Paulus hier gewoon over de eerste dag der week…? Hij spreekt niet over de ‘dag des Heeren’ en zeker ook niet over ‘de sabbat’. Voor Paulus was de eerste dag der week blijkbaar gewoon een dag als alle anderen.

Op1:10; de Dag des Heeren

Is het werkelijk de bedoeling van Johannes om ons te vertellen op welke dag Hij zijn openbaring ontving? (Zou hij al deze openbaring werkelijk op 1 dag ontvangen hebben??)
De zondag wordt in het N.T zonder uitzondering de 1e dag der week genoemd. Nergens komen we de aanduiding ‘dag des Heeren’ tegen voor de zondag. Dit geeft des te meer te denken als wij bedenken dat Johannes zijn evangelie(volgens de verklaarders) kort voor Openbaring geschreven heeft. Ook in Zijn evangelie gebruikt Johannes gewoon de term 1e dag der week, en niet ‘dag des Heeren’. De uitdrukking ‘dag des Heeren’ staat geheel in de contekst van de eschatologische ‘dag des Heeren’; de dag van het oordeel.(Jom JHWH) (op1:7-8, 12-18, 19)
Het klopt dat de Griekse uitdrukking die in Opb. 1:10 gebruikt wordt uniek is t.o.v  van andere plaatsen in het N.T waar de ‘dag des Heeren’ genoemd wordt. Dit is echter geen reden om aan te nemen dat deze uitdrukking daarom op de 1e dag der week zou slaan. In 1kor11:20 gebruikt Paulus 1 keer een speciaal Grieks woord om het avondmaal aan te duiden; ‘Des Heeren maaltijd’. Dit betekent dan toch ook niet dat het hier om iets anders dan het avondmaal gaat? Door beschouwing van de context en het onderwerp kunnen wij deze uitdrukking eenvoudig duiden als slaande op ‘de dag des Heeren’ die door de profeten veelvuldig aangekondigd is.

  1. Is het zo dat het N.T leert dat het onderhouden van de sabbat een overbodige zaak zou zijn?

Kol2:14, 16-17
Is de wet aan het kruisgenageld, en wil Paulus de gelovigen nu overtuigen dat zij niets meer te maken hebben met sabbatten of bijbelse feesten?
De wet is NIET aan het kruisgenageld. Volgens rom7:12 is de wet heilig, rechtvaardig en goed. Is Gods oplossing voor het zondeprobleem werkelijk ‘de schuld wegnemen door de morele gedragslijn te vernietigen en de mens dan zo achter te laten’? Gelukkig niet…
Handschrift betekent hier zoveel als; ‘geschreven document’. Het gaat om een ‘geschreven verslag’ van onze zonden en ongerechtigheden dat door Christus op het kruis gebracht is. Halleluja!

Ageert Paulus in vs 16-17 tegen sabbat en bijbelse feesten vieren? Geheel niet! Waar Paulus wel tegen ageert, zijn enkele bepaalde gebruiken bij de viering van deze feesten die voortkomen uit gnostische of hellenistische invloeden. Dat blijkt duidelijk uit de context. Het gaat hier om ‘vleselijke nederigheid, engelenverering(vs18), bepalingen zoals pak niet, proef niet, raak niet aan(vs21) en geboden en leringen van mensen’(vs22). De sabbatten en feesten zijn geen geboden van mensen. Mensen kunnen wel een bepaalde(verkeerde) manier van het vieren van deze feesten opleggen. Paulus maakt duidelijk dat de gelovigen zich hier niet aan hoeven te storen. Zij moeten zich bij de vieringen juist ‘houden aan het Hoofd’(vs19) en de werkelijkheid van de vervulling door de Messias centraal houden.

Gal4:10
Geen enkele gelovige die zelf bepaalde feesten viert(kerst of pasen) kan deze tekst gebruiken om iemand die sabbat of bijbelse feesten viert afkeurend te benaderen. Met de tekst uit kol2:16-17 nog vers in ons geheugen wordt wel duidelijk dat Paulus niet bedoelt heeft dat het vieren van sabbat of feesten verkeerd zou zijn, als Jezus centraal staat. De gemeente te Galatië was dwalende als gevolg van dwaalleraren. Wat deze leringen precies geweest zijn is slechts ten dele bekend. Wel is duidelijk dat Paulus de gelovigen niet verbied om sabbatten of feesten te vieren zoals God die noemt in Zijn woord. De zaken die hij wel verbied worden hier gewoon niet bij name genoemd. In de efezenbrief legt Paulus veel van de tien geboden uit (en op) aan de gelovigen. Zou hij anderen dan verbieden Gods wetten in acht te nemen? Dit is ondenkbaar.

Rom14:5-6
Een vergelijkbare situatie treffen wij aan bij de Romeinen, met dit verschil; de galaten zagen de opgelegde verplichtingen als voorwaarde voor de zaligheid. Daarom is Paulus in zijn betoog tegen de galatiërs zeer fel en afwijzend. Bij de Romeinen is deze overtuiging niet aanwezig. Paulus roept op tot verdraagzaamheid in deze dingen om de onderlinge gemeenschap niet te verstoren. Kan deze tekst gebruikt worden om het vieren van de sabbat als een ‘gewetenskwestie’ aan te merken? Dit laat zich moeilijk verteren. In H13:9 noemt Paulus vijf van de tien geboden en legt hij uit dat al deze geboden slechts waarde hebben als zij in liefde gepraktiseerd worden. Zou hij een klein stukje verder dan plotseling betogen dat één van de andere 10 geboden niet van veel betekenis is? Zou dezelfde Paulus die in rom 7:12 de wet ‘Heilig, rechtvaardig en goed’noemt in H14 opeens pleiten voor gewetensvrijheid in het doen van de geboden van God? Wat nog meer is: zou dezelfde Paulus die in romeinen 8 verteld dat ‘het recht van de wet vervuld wordt in ons die geloven’ (verg Jer 31:33) beweren dat de geboden van God ingevuld kunnen worden naar gewetensvrijheid?

Hand 15:20
In Handelingen 15 lezen wij de geschiedenis van het eerste apostelenconvent. Joodse gelovigen leerden dat heidense gelovigen verplicht de besnijdenis moesten ondergaan en wet van Mozes moesten gaan doen om gered te kunnen worden. Over deze kwestie komen de apostelen bij elkaar in een vergadering. Het is belangrijk om te beseffen dat het wel of niet houden van de tien geboden door heidense gelovigen hier niet ter discussie stond. Overspel, stelen, liegen, moorden… Vanzelfsprekend gelden deze geboden voor alle gelovigen. De Heilige Geest schrijft ze in onze harten. Het houden van de wet van Mozes betekent in dit verband; de reinheidswetten, de spijswetten, de offerwetten enz. De Apostelen beslissen dat deze zaken niet aan de gelovigen opgelegd zullen worden. Wel worden er vier bepalingen gegeven(vers20) die nodig zijn om omgang te hebben met joodse gelovigen zonder hen te verontreinigen. Zo kunnen Jood en heiden in één gemeente functioneren. De overige wetten worden ook niet verboden. Sterker nog, het lijkt erop dat de apostelen verwachten dat heidense gelovigen zich hier wel in zullen verdiepen. Ze concluderen aan het einde van de vergadering; “Mozes wordt immers elke sabbat in de synagoge gelezen…”(vs 21

Hebreeën 8
In hebreën 8 wordt gesproken over een verbond dat verouderd is en de verdwijning nabij. Wat moeten wij hiermee? Heeft dit wellicht ook betrekking op de tien geboden en daarmee de sabbat?
Er zijn twee manieren waarop je deze tekst kunt uitleggen.

1. Een goede manier van bijbelstudie doen is om een tekst te onderzoeken in het verband waarbinnen hij geschreven staat. De uitleg van deze tekst vinden wij al direct in de volgende hoofdstukken. Het oude verbond had ‘een schaduw van toekomstige heilsgoederen en niet het wezen van de dingen zelf’(H10:1) Zoals in hoofdstuk 9 en 10 te lezen is slaat de tekst dan op de O.T offerdienst. De offers, de tabernakel, de voorwerpen voor de eredienst, de priesterdienst en de reinigingsrituelen worden hier allen omschreven als “schaduw van toekomstige heilsgoederen”. Alles dat te maken had met de dienst der verzoening in de tabernakel was bedoeld als schaduw van de verzoening door Jezus die komen moest. Er zijn prachtige boeken verschenen om al deze zaken uit te werken in het licht van het N.T. (David M. Levi. De tabernakel) We begrijpen nu dat als de schrijver het heeft over de verdwijning van het oude verbond Hij doelt op deze zaken die in Christus tot volheid gekomen zijn.
2. In het licht van het N.T is het eenvoudig om te komen tot een tweede verklaring van deze tekst( een verklaring die de eerste niet uitsluit). In het oude verbond was de wet geschreven op twee stenen tafelen. In het nieuwe verbond wordt de wet geschreven op de ‘tafel van ons hart’.(jer31:33) Dat betekent in feite dat onze wil van binnenuit vernieuwd wordt. Wij doen Gods geboden niet omdat dit ons opgelegd wordt, maar omdat wij dat ook graag willen. Het komt van binnenuit. Ook in die zin was ‘het oude verbond de verdwijning nabij’. De bediening van de letter is vervangen door de bediening van de Geest. (2kor3:3) De wet in ons hart schrijven is natuurlijk heel iets anders dan de wet afschaffen. Voor een dergelijke uitleg leent deze tekst zich dan ook niet.

Korte samenvatting
Het is belangrijk om te beseffen dat de tien geboden duidelijk gegeven zijn voor alle mensen van alle tijden en plaatsen. Dat blijkt o.a uit het feit dat Jezus deze geboden uitlegt aan Zijn discipelen(bergrede) en deze opdraagt om alle mensen te leren Zijn geboden te onderhouden. (matt28:19)

Paulus draagt in de Efeze brief de gelovigen op om de tien geboden te houden door deze uit te leggen en toe te passen. Hij legt de geboden wel uit vanuit een positieve insteek. Dat wil zeggen, niet alleen ‘gij zult niet’ maar veel meer dan dat! Dit is de hartgesteldheid die de Heilige Geest t.o.v elk gebod in ons hart wil bewerken. Dat is ‘de wet van/volgens Christus’. Enkele voorbeelden:

- Ef4:28 De wet zegt: je mag niet stelen. Paulus legt uit dat het Gods bedoeling is dat mensen niet stelen, maar werken om hun inkomsten te kunnen delen met armen. Dat is nog meer dat de wet al vroeg.
- Efeze 5:3&4 Hebzucht heeft te maken met begeerte. De wet zegt: Gij zult niet begeren. Wij hoeven echter niet alleen te wandelen zonder steeds te begeren Efeze 4:28. Wij mogen wandelen vol dankzegging. Paulus zegt op een andere plaats: Ik heb geleerd tevreden e zijn in de omstandigheden waarin ik verkeer(fil 4:11) Overvloed, gebrek, honger en verzadigd zijn, vernederd worden. Laten wij dankzeggen en niet bezet zijn met verkeerde verlangens. Dat is Christus in ons hart.
- Efeze 5:22 t/m 25 is een bijbelgedeelte dat handelt over het huwelijk. De wet zegt alleen ‘Gij zult niet echtbreken’. Paulus legt uit dat dit gebod in een veel diepere zin pas werkelijk in ons leven tot vervulling kan komen. Dat kan alleen als man en vrouw “elkaar dienen door de liefde.” Volgens de wet van de Messias wordt van de man zelfs gevraagd om uit liefde Zijn leven op te offeren voor Zijn vrouw. Alleen de Heilige Geest kan deze hartsgesteldheid bewerken in harten van gelovigen.
- Dit zijn een paar voorbeelden van de wijze waarop de Heilige Geest de geboden van God kan en wil toepassen in onze dagelijkse levenswandel. Als deze uitleg geld voor deze geboden, hoe veel te meer zal het gebod van het vieren van de sabbat een heerlijke vervulling krijgen in ons leven als God dit gebod in ons hart schrijft! Wij zullen Zijn dag heiligen met vreugde! Wat een weldaad om te rusten en om deze dag door te brengen in aanbidding en dankzegging voor al Zijn weldaden. Om tijd te hebben voor het woord van God, huwelijk en gezin. En wat meer is: God zal de sabbat tot een principe maken in ons denken. Wij mogen de paradijselijke rust ervaren, die eenmaal deze schepping vervulde, en die God weer zal herstellen als Hij zal zijn, alles en in allen.

Eindnoot
Aan het eind van deze studie willen we nog één ding duidelijk te stellen. Het houden van de wet kan en zal niemand redden. Redding is uitsluitend beschikbaar door degene waar de wet over spreekt namelijk; Jezus de Messias. Ons oog moet gericht zijn op Hem, omdat Hij de overste Leidsman is, en de Voleinder van het geloof. Zoals al eerder gesteld zit het gehele verlossingsplan van God al geopenbaard in de wet.(de 5 boeken van Mozes als geheel) Je vindt het terug in de feesten, in de offers, in de namen van de mensen, in de geschiedenissen enz. Het is goed om daarmee bezig te zijn. In overeenstemming met de woorden van de Heilige Geest die we kunnen lezen in handelingen 15 zijn wij als gelovigen uit de volken niet verplicht om alle geboden uit de wet te praktiseren. Dit wil echter niet zeggen dat wij ons er ver vandaan moeten houden. Een Bijbels dieet is te allen tijde het beste voor een mens, en het vieren van de Bijbelse feesten kan ons als gemeente van Jezus helpen om de diepten in het woord te ontdekken en de onderlinge eenheid versterken.

In de wet zitten veel geestelijke principe’s verborgen die hun ware vervulling vinden in de Messias. Denk aan de verschillende tempelattributen, sabbats en jubeljaar, het principe van lossing, hogepriesterschap enz. Deze zaken vragen van ons geen letterlijke naleving(meer) maar een leven gericht op de grote Vervuller van deze geboden.

Andere zaken hebben voor ons een zeer diepe en rijke betekenis, als wij deze geboden van God willen bedenken en praktiseren. Elke Christen weet dat ook. Een goed voorbeeld daarvan is het paasfeest. God vraagt niet van ons dat wij dit feest vieren om één keer per jaar aan Jezus te denken. Hij doet dit wel om ons te leren dat wij moeten leven vanuit de verzoening die aangebracht is door het Lam van God. Een soortgelijke vervulling is aan te wijzen voor de andere feesten die God in Zijn woord voorschrijft. Waarom vieren wij deze feesten niet?

Laten wij nooit vervallen tot een slaafse en wettische gehoorzaamheid. Het is alleen de Heilige Geest die ons kan leiden in een leven tot eer van God. Hij kan ons duidelijk maken hoe een bepaald gebod in ons leven op de juiste manier, tot eer van God toegepast kan worden. Laten we veel bidden om vervulling met de Heilige Geest zodat het God is die ons leven leidt en zodat Hij ons kan gebruiken om grote dingen tot stand te brengen.

Prediker 12:13 De slotsom van al dat door u gehoord is, is dit: Vrees God en houd u aan Zijn geboden wat dit geldt voor alle mensen.